NEGERZOENEN EN
ZWARTEPIETEN (Dit opiniestuk
verscheen eerder verkort in Erasmus magazine
17, 6 april 2006)
Door Zihni Ozdil
De alom bekende
typisch Hollandse ‘negerzoenen’ zullen voortaan ‘Buyszoenen’ worden
genoemd.
Van dit gegeven werd door zowel kranten als televisieprogramma’seen
aantal
dagen lang enigszins smalend bericht van gemaakt. Dit besluit van Buys,
dat de
alom bekende lekkernij produceert en onderdeel is van de Tilburgse
fabrikant
Van Der Breggen, werd en wordt door de gemiddelde Nederlander als
aanstellerig
enoverbodig, ja zelfs belachelijk beschouwd. Dat het woord
‘negerzoenen’
racistisch of beledigend zou
zijn is compleet bespottelijk voor de minder gekleurde Nederlander. En
waarschijnlijk
zijn er ook vele niet-blanke Nederlanders die dezelfde mening delen. Een
soortgelijke
‘discussie’, tussen aanhalingstekens want erg serieus wordt die
vooralsnog niet genomen, is
er over de zwarte Pieten in de Sinterklaastraditie. Zijn de Hollandse
negerzoenen en
zwarte Pieten daadwerkelijk beledigend of racistisch voor niet-blanke
Nederlanders of
is het alleen maar politiek correcte aanstellerij?
Om
deze vraag te
beantwoorden is het belangrijk dat we eerst onderscheid maken
tussen bewuste en
onbewuste belediging en racisme. Bij bewuste belediging of racisme
is er eigenlijk
geen vraag of hetgeen dat geuit wordt beledigend is. Het is beledigend
want de intentie
van degene die het uit was om te beledigen.
Als het woord negerzoen en de zwarte
Piet-traditie beledigend zijn, of dit zo is beantwoord ik straks, zijn
ze dat echter onbewust.
Want ik neem aan dat mensen die de voormalige negerzoenen eten
en het zo noemen,
en de mensen die aan Sinterklaas doen niet de intentie hebben om
iemand te
beledigen of racistisch te zijn. Wie beslist dan of hetgeen wat guit
wordt racistisch is als
de intentie dat niet is? Degene die het ontvangt natuurlijk! Voor de
blanke
Nederlander is ‘negerzoen’ natuurlijk een onschuldig woord, en bedoelt
hij er verder niks mee.
Maar hij is niet degene die daarover kan beslissen. Hij heeft als het
ware het mandaat
niet om dat te beslissen. Het was namelijk niet een ‘neger’ die het
woord verzonnen
heeft maar een blanke. De huidige gebruiker van dit woord heeft
meestal geen
racistische bijbedoelingen maar dat doet er niet meer toe als het woord
door de
meerderheid van de niet-blanke Nederlanders zodanig wordt ervaren. Het
is hoogst arrogant
en zelfs koloniaal om dan als witte Nederlanders uit te maken of het
woord racistisch
is.
Wat veelal niet
werd gemeld door de landelijke media was waarom het
bedrijf Van Der
Breggen schijnbaar plotseling besloot om het woord negerzoenenniet te
gebruiken. Dat deed ze na een formele klacht van de Stichting Eer en
Herstel.
Ditis een Afro/Surinaamse organisatie die opkomt
voor de historische-,
culturele- enreligieuze belangen van Nederlandse
staatsburgers van
inheems- en Afrikaanse-Surinaamse afkomst. Nu wil dat natuurlijk niet
zeggen
dat het ook de mening is van de
meeste Surinaamse
Nederlanders, maar het is wel een indicatie. Het is niet al te
ingewikkeld om
met behulp van wetenschappelijke methodes daarachter te komen.
Voor de ‘zwarte
Pieten kwestie’ geldt eigenlijk hetzelfde als hierboven. Als, met
voorbehoud dus,
de meerderheid van de niet-blanke Nederlanders een blanke man op
een paard met
allemaal zwarte - en ze zijn echt niet zwart van het schoorsteenroet,
anders zou de
fleurige kleding ook helemaal zwart moeten zijn - knechtjes om hem heen
die het vuile
werk opknappen en talloze Nederlandse kinderen met een onbewuste en
diepgewortelde
angst voor ‘negers’ opzadelen, beledigend en racistisch vinden dan
moeten we het
gewoon afschaffen.
Een analogie zal
wellicht
duidelijkheid scheppen voor de minder overtuigden onder u. Stelt u zich
eens
voor dat u lijdt aan zwaarlijvigheid, of het nu komt door een medisch
probleem
of ordinaire vraatzucht doet er even niet toe; u bent dik. En op uw
werk is er
een zeer aardige collega die u elke dag begroet met ‘Ha dikkie, hoe is
het?’ en
‘Goedemorgen lekkere knuffeldikzak!’. Hij doet dit met uiterst
sympathieke
bedoelingen, ervan uitgaande dat u het ook amusant vindt en erom kan
lachen.
Maar stelt u zich eens voor dat u het toch niet zo ervaart, hoewel u de
intentie van uw collega volledig begrijpt. U voelt zich er eigenlijk
beledigd
en gekwetst door. Vervolgens neemt u de collega een keer bij de arm en
zegt:
‘Luister, ik begrijp dat je het heel sympathiek bedoelt maar zou je
alsjeblieft
willen ophouden met mij op die manier aan te spreken, want het kwetst
mij
zeer.’ Ik hoef u verder niet uit te leggen dat
elke
persoon met maar een greintje beschaafdheid in de aderen zich dan
vanzelfsprekend
zal verontschuldigen en beloven het voortaan niet meer te doen.
We moeten de hele
‘negerzoen’ en ‘zwarte Pieten’ kwestie in deze lijnen
beoordelen.
‘Maar
zwarte Piet
is een oude traditie’ zullen velen van u wellicht nu
denken. Zelfs een traditie is ooit
uitgevonden - in dit geval in 1938 als we de allereerste ‘intocht’ in Amsterdam als
startpunt nemen - dus
het kan ook
afgeschaft worden.